← Kennisbank
Wet & regels

ATEX-zones 0, 1, 2, 20, 21 en 22 uitgelegd

Waar mag je wat doen? De Europese ATEX-classificatie op één pagina.

7 min leestijd
ATEX-zones 0, 1, 2, 20, 21 en 22 uitgelegd

ATEX komt van 'Atmosphères Explosibles' — de Europese richtlijn die explosieve atmosferen classificeert. Elke industriële site met vluchtige stoffen of poeders werkt met ATEX-zones.

Gaszones (0, 1, 2)

  • Zone 0 — permanent (>1000 u/jaar) explosieve atmosfeer aanwezig. Binnen tanks, reactors.
  • Zone 1 — regelmatig (10-1000 u/jaar) explosieve atmosfeer bij normale werking.
  • Zone 2 — zelden en kort. Vaak omgeving rond flenzen of pompen.

Stofzones (20, 21, 22)

  • Zone 20 — permanente stofwolk (silo binnenzijde).
  • Zone 21 — regelmatige stofwolk (naast een vulopening).
  • Zone 22 — zelden en kort (opslagruimte).

Wat mag een brandwacht wel/niet?

In ATEX-zones is alle apparatuur EX-gecertificeerd: portofoons, gasmeters, zaklampen. Klassieke smartphones zijn verboden — één statische ontlading kan een deflagratie starten. De brandwacht draagt antistatische FR-kledij en veiligheidsschoenen zonder metalen inserts.

Hete werken in ATEX-zones

Verboden zonder aparte 'ATEX-vuurvergunning'. De zone moet mechanisch geventileerd en gasvrij gemeten worden (< 10 % LEL) vóór aanvang. Continu meten tijdens de klus is verplicht.

Onthoud

Zone 0 en 20 zijn no-go voor hete werken. Zone 1 en 21 alleen met bijzondere procedure. Zone 2 en 22 met verhoogde alertheid.

Spoedinzet

Nood aan een brandwacht — vandaag nog?

Onze wachten zijn binnen 2 uur op locatie in Vlaanderen. 24/7, ook in het weekend.