Scheepsbouw en scheepsreparatie zijn onder de meest risicovolle omgevingen voor hete werken. Ballasttanks, machinekamers en dubbele bodems zijn allemaal besloten ruimtes én contain vaak brandbare residuen.
Specifieke risico's
- Vernislaag en primer met oplosmiddelen — klasse B
- Restolie in ballasttanks en bilge
- Enge trappen als enige evacuatieroute
- Meerdere ploegen die door elkaar werken op verschillende dekken
Verplichte aanpak
- Gasvrij-certificaat door 'Marine Chemist' vóór hete werken
- Continu monitoren met vaste én persoonlijke gasmeter
- Communicatie via draadgebonden intercom of luchtlijn-mic
- Twee onafhankelijke evacuatieroutes waar mogelijk
Coördinatie tussen ploegen
Op een gemiddelde reparatiebeurt werken lassers, schilders, isolatiemensen en scheepstimmerlui gelijktijdig. De brandwacht ontvangt een 'hot-work chart' met wie waar wat doet — één brandwacht kan verantwoordelijk zijn voor meerdere hete-werk-punten binnen zichtafstand.
De IMO-richtlijnen en het 'ISGOTT' (International Safety Guide for Oil Tankers and Terminals) zijn de sectorstandaard. Belgische havenvennootschappen (Antwerpen, Gent, Zeebrugge) vereisen conformiteit bij elke werfactivatie.
